Toen op 1: Friday On My Mind

- Toen op 1

 The Easybeats
Toen op 1: Friday On My Mind

The Easybeats zouden ruim acht jaar lang de enige Australische act blijven met een nummer 1-hit op hun naam. In 1975 werden ze overtroffen door Kamahl die met The Elephant Song de lijst voor vijf weken wist aan te voeren.

De groep was eind 1964 ontstaan in een kroeg in Sidney en liet zich inspireren door The Beatles. Ze groeiden uit tot één van de attracties van de stad en al snel kregen ze een contract bij het Australische onafhankelijke platenlabel Albert Records dat ze later bij Parlophone wist onder te brengen. For My Woman was in 1965 hun eerste single. Met de opvolger She’s So Fine wisten ze de top 3 van de Australische hitlijst te bereiken en tegenover de wereldwijde Beatlemania ontstond de Australische Easyfever. Begin 1966 wist manager Mike Vaughan, met het debuutalbum Easy onder zijn arm, een platencontract binnen te slepen in de Verenigde Staten.

Producer Ted Albert wordt vervangen door Sheldon Talmy die eerder al bands als The Who en The Kinks groot had gemaakt. Het eerste resultaat van die nieuwe samenwerking werd Friday On My Mind dat in Australië in 2001 werd uitgeroepen tot de het beste Australische nummer aller tijden na een onderzoek van de Australische muziekrechtenbeheerder APRA. In de Top 40 profiteerde ook de Nederlandse Dukes mee met hun versie van Friday On My Mind. In 1973 zette David Bowie een cover van het nummer op zijn album Pin Ups, een collectie van covers die de zanger uitkoos uit de periode tussen 1964 en 1967.

In het voorjaar wordt Who’ll Be The One de opvolger van Friday On My Mind. Een keuze van de platenmaatschappij en tegen de zin van de groep zelf in. Die bleken het ook juist te hebben want de single flopte. Ondertussen stond het vijftal op het podium tijdens de Europese concerten van The Rolling Stones. In 1968 werd Hello, How Are You hun tweede en meteen ook laatste Top 40-hit. Een jaar later valt het doek voor de band.

Stevie Wright zoekt zijn heil in eerste instantie in de musicalwereld. Zo staat hij in 1972 en 1973 op het podium van Jesus Christ Superstar. In 1974 verschijnt het album Hard Road waarvan Evie – Parts 1, 2, 3 in het vroege voorjaar van 1975 de Tipparade weet te bereiken.

Harry Vanda en George Young blijven samenwerken en brengen onder de naam Flash And The Pan verschillende singles uit. In 1977 is Hey, St. Peter de eerste die ook de Top 40 weet te bereiken. Daarna volgden Waiting For A Train en Midnight Man.